Preek 1e Vastenzondag door het jaar C

Veertig is in de Bijbel een heilig getal. Veertig jaar trok het volk Israël door de woestijn vanuit de slavernij van Egypte naar het Beloofde Land. Veertig dagen verbleef Jezus in de woestijn om door de Geest op de proef te worden gesteld.

Wij zijn de Veertigdagentijd begonnen als een tijd van uittocht. Een weg uit de gevangenschap van alles wat ons als mensen en gelovigen onvrij maakt. In het voetspoor van Jezus begeven wij ons in een geestelijke woestijn om daar op de proef te worden gesteld.

Hoe staat het met ons geloof, met onze liefde? Is het woord van God voor ons werkelijk voedsel waar we van leven? Of hechten wij nog altijd meer aan materiële zekerheden?

De Heer staat ons bij in iedere nood: dat heeft het volk in de woestijn ondervonden; dat wil Jezus ons door zijn vasten leren. Mogen wij dan in de leerschool van deze veertigdaagse Vasten groeien in ons vertrouwen op God.

“God is rijk aan gaven voor allen die Hem aanroepen”, getuigt de apostel Paulus vandaag. Ook als ons geweten ons aanklaagt mogen we vertrouwen op Gods ontferming als we er om vragen.

Lees de preek hier: