Preek 22e zondag door het jaar C

“Wees mij genadig Heer” zongen wij zojuist. “Want Gij, God, zijt goed en vergevensgezind en rijk aan barmhartigheid.” Hier roept een mens tot God in het besef van zijn onmacht en schuld en hulpbehoevendheid.

Wij staan hier in dit kerkgebouw, het huis van God, in heilig ontzag voor Gods tegenwoordigheid. En juist oog in oog met God worden wij ons eens te meer bewust van onze kleinheid.

Wij worden uitgenodigd aan de maaltijd van de Heer. Onze gastheer heeft voor ons een plaats vastgesteld. Het is aan ons onze plaats te kennen. Dat vraagt om bescheidenheid.

Lees de preek hier: